+32 9 334 94 70

Doping

Category Archives

Pers: Renner Lotto-Soudal test positief tijdens zesdaagse

Afgelopen week werd een van onze advocaten geciteerd in de pers:

 

 

 

 

 

 

 

 

 


De whereabouts-regeling is niet strijdig met het EVRM

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft op 18 januari 2017 geoordeeld dat de regeling met betrekking tot de whereabouts niet in strijd is het met Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Het Hof stelde meer bepaald vast dat er geen schending is van het artikel 8 van het EVRM, hetgeen betrekking heeft op het recht op respect voor het privé- en familieleven.

In deze zaak werd meer bepaald nagegaan in hoeverre de verplichting voor een specifieke groep van professionele sporters om hun whereabouts mee te delen met het oogmerk om onaangekondigde dopingcontroles uit te voeren gerechtvaardigd was.

Het Hof erkende dat de whereabouts-regeling een impact heeft op het privéleven van sporters, maar oordeelde dat het publieke belang die dopingcontroles noodzakelijk maakt deze inperking rechtvaardigt.

Zo stelde het Hof vooreerst vast dat het afschaffen van de wereabouts-regeling zou kunnen leiden tot een toename van de mogelijke negatieve gevolgen die doping op de gezondheid van sporters kan hebben.

In tweede instantie oordeelde het Hof dat een afschaffing van deze regeling ook in strijd zou zijn met de Europese en internationale consensus over de noodzaak van onaangekondigde dopingcontroles.

De whereabouts-regeling houdt in dat sporters die hieraan onderworpen zijn precieze informatie over hun verblijfplaats en dagelijkse activiteiten dienen mee te delen aan een publieke autoriteit teneinde onaangekondigde dopingcontroles mogelijk te maken.

Een van de sporters die de desbetreffende procedure die geleid heeft tot deze uitspraak heeft opgestart betreft de Franse renster Jeannie Longo.

Deze beslissing lijkt voor het WADA een enorme opsteker te zijn en zou een mijlpaal kunnen zijn in de strijd tegen doping. De whereabouts-regeling was (en is) onderhevig aan veel kritiek.

Of dit een vrijbrief inhoudt voor de huidige whereabouts-regeling is niet duidelijk. De klacht die tot de onderhavige uitspraak van het EHRM heeft geleid dateert immers van 2011. De whereabouts-regeling is op heden een stuk strenger en meer ingrijpend geregeld dan de regeling in 2011.

De officiële persmededeling kan op volgende link worden teruggevonden: https://t.co/lekirhvYY6


Opinie: Het IOC en het WADA stellen hun vizier eindelijk scherper

Het WADA en nu ook het IOC hebben eindelijk hun tanden ontbloot. Na maanden aandringen vanwege het WADA heeft het IOC Rusland uitgesloten van de komende Olympische Spelen te Pyeongchang.  Tot voor kort schijnbaar onaantastbare personen zoals Vitaly Mutko kregen bovendien een levenslange schorsing opgelegd voor alle toekomstige Olympische Spelen.

Individuele Russische atleten zullen niettemin onder strikte voorwaarden aan de komende Spelen kunnen deelnemen. Hierbij zullen deze atleten evenwel niet voor Rusland maar voor het Olympisch team moeten aantreden. Hoe strikt deze voorwaarden zullen zijn staat nog niet vast en dit valt enigszins te betreuren. Het IOC heeft slechts een aantal richtinggevende principes aangaande deze voorwaarden meegedeeld. Bovendien zal het IOC, hoewel er een panel van deskundigen werd aangeduid, finaal en met een discretionaire bevoegdheid beslissen over de uiteindelijke toelating van de individuele atleet tot de Spelen.

Dat er een aantal zuivere atleten zullen worden geweigerd is eveneens erg waarschijnlijk en kan bekritiseerd worden. Toch moest er een afweging worden gemaakt tussen de bewezen feiten en de geloofwaardigheid van het IOC en de sport enerzijds en de kans op een aantal onterechte weigeringen anderzijds. Deze afweging doorstaat mijn inziens, wegens een gebrek aan alternatieve sancties, de test van de proportionaliteit.

De feiten zoals geschetst door de heer Rochenkov, de klokkenluider die de bal aan het rollen bracht, en nadien beschreven en onderzocht door Professor Richard McLaren, zijn hallucinant. Zo werd er tijdens de Olympische Spelen te Sotsji naast het officiële laboratorium een geheim laboratorium opgezet waarbij er, door middel van een gat in de muur, officiële positieve stalen werden verwisseld met vervalste negatieve stalen. Deze operatie zou onder meer met medewerking van de Russische geheime diensten hebben verlopen. Het rapport van 2 december 2017, in opdracht van het IOC, en op basis waarvan de uitsluiting van Rusland werd goedgekeurd, bevestigt deze feiten en stapelt de bewijzen op.

Samen met de maatregelen die door het IAAF, de wereldatletiekbond, werden genomen tijdens de Olympische Spelen in Brazilië, focust men zich met deze schorsing eindelijk en op grote schaal op de brede omgeving van de sporter. Deze evolutie kan enkel maar worden toegejuicht.

Het gebrek aan actiemiddelen tegen de omgeving van de sporter wordt immers sedert jaar en dag als een van de grootste tekortkomingen in de strijd tegen doping beschouwd. De omgeving en de begeleiding van de sporter speelt in veel gevallen een doorslaggevende rol in het al dan niet gebruiken van doping. In een omstandig aantal gevallen wordt de sporter omringd door personen die nog meer verblind zijn door de lokroep van het succes, de roem en het geld dan de sporter zelf. De druk die de sporter hierdoor ondervindt is in bepaalde gevallen zo groot dat de sporter hieronder bezwijkt. Sporters zijn vaak slechts pionnen op een groter schaakbord, en in dit geval waarschijnlijk Poetins schaakbord.

Hoewel de omgeving van de sporter, zoals trainers, dokters, familie of in dit geval vertegenwoordigers van een land, soms strafbaar wordt gesteld door middel van nationale wetgevingen viel (valt) zij meestal door de mazen van het net.

De eerlijkheid gebiedt er weliswaar op te wijzen dat deze gewijzigde focus op de omgeving van de sporter reeds in 2015 was waar te nemen toen de derde en meest recente WADA-code in werking trad. De WADA-code definieert doping en bepaalt de bijhorende bestraffingen en procedures. Deze code wordt beschouwd als het belangrijkste wapen in de strijd tegen doping en wordt gemonitord door het WADA. De code wordt door academici beschouwd als een vorm van zacht internationaal recht die over alle aangesloten landen en sportfederaties heen afdwingbaar is. Zo stelt het IOC de aanvaarding van de WADA-code als een voorwaarde om toegelaten te worden tot de Olympische Spelen.

Een van de meest ingrijpende wijzigingen in de nieuwe WADA-code was de opname van de omgeving van de sporter in de regelgeving. Er werd vooreerst een nieuwe dopingovertreding in het leven geroepen, artikel 2.10 van de WADA-code, die atleten verbiedt om zich te associëren met atleten of begeleidend personeel die eerder werden geschorst of veroordeeld wegens dopingovertredingen.  In tweede instantie werd er aan het begeleidend personeel van de sporter een verbod opgelegd om zelf en zonder geldige reden verboden stoffen of middelen te gebruiken en / of te bezitten.

Navraag leert evenwel dat deze bepalingen en bijhorende sancties amper of niet worden toegepast en dat het begeleidend personeel in veel gevallen buiten schot blijft. Dopingonderzoeken en -vervolgingen worden dan ook al te vaak, en al te gemakkelijk, enkel en alleen op de sporter toegespitst.

Deze tekst mag vanzelfsprekend niet worden beschouwd als een vrijbrief voor sporters, en sporters blijven bovenal baas van hun eigen lichaam en beslissingen. Er zou niettemin meer aandacht moeten zijn voor de context waarin een dopingovertreding zich heeft voorgedaan en in hoeverre de omgeving van de sporter een invloed heeft gehad. Het sanctioneren van deze omgeving, zijnde het begeleidend personeel, de familie of een overheid, zal bovendien een significant grotere impact hebben in de strijd tegen doping. Een strijd waar alle betrokken partijen belang bij hebben.

De beslissing van het IOC om eindelijk en op grote schaal het probleem bij de wortel aan te pakken is in zijn kern dan ook een goede beslissing. Of een eventueel hoger beroep van Rusland de sanctie alsnog kan opheffen of wijzigen zal de toekomst moeten uitwijzen.

Mathieu Baert schreef deze opinietekst in eigen naam. 

Klik hier voor meer informatie omtrent doping.


Het WADA en de WADA-Code

De ‘dopingproblematiek’ lijkt de laatste tijd wel uit zijn voegen te barsten. Dit heeft voornamelijk te maken met de openbaring van de georganiseerde dopingpraktijken in Rusland. Nochtans beheerst het fenomeen de sportwereld reeds geruime tijd. Alhoewel het gebruik van planten en medicijnen niet verboden was in de Oudheid luidt het dat de Grieken al tijdens de Oude Spelen gebruik zouden hebben gemaakt van planten en paddenstoelen om hun prestaties te verbeteren. Het was tijdens één van de eerste Moderne Spelen, meer bepaald in 1904 in St. Louis, dat er voor het eerst dopinggebruik werd geregistreerd. Hierbij werd gebruik gemaakt van een combinatie van strychnine met cognac.

De WADA-code, waarvan de eerste versie op 1 januari 2004 in werking trad, wordt beschouwd als het belangrijkste wapen in de strijd tegen deze dopingpraktijken. De WADA-code werd ontwikkeld en wordt gemonitord door het Wereld Anti-Doping Agentschap (“WADA”). Het WADA, dat werd opgericht middels de ‘Verklaring van Lausanne’, tracht een wereldwijde samenwerking te organiseren tussen de verschillende internationale sportfederaties, het IOC en de publieke overheden in de strijd tegen doping.

Door het afsluiten van de “Internationale Conventie tegen Doping in de Sport”  binnen het kader van UNESCO slaagde het WADA er in om de WADA-code – als een vorm van zacht internationaal recht – over alle aangesloten landen heen afdwingbaar te maken

Gelet op de snelle ontwikkelingen binnen het dopinglandschap en de hieraan gekoppelde nood aan een geïntensiveerde samenwerking werd op 15 november 2013 in Johannesburg de derde en meest recente WADA-Code goedgekeurd. De nieuwe Code trad in werking op 1 januari 2015 en er worden sinds een aantal maanden met regelmaat beslissingen op basis van deze nieuwe Code genomen.

Het WADA heeft de wijzigingen in de nieuwe Code 2015 ondergebracht in zeven themata, namelijk (1) langere periodes van uitsluiting, doch met meer flexibiliteit; (2) meer respect voor de mensenrechten en het proportionaliteitsbeginsel; (3) meer aandacht voor onderzoek en inlichtingenverzameling; (4) een grotere focus op het begeleidend team van de atleet; (5) het versterken van de dopingtests en het analyseproces; (6) een duidelijker evenwicht en meer samenwerking tussen de sportfederaties en de antidopingorganisaties en een (7) duidelijkere en kortere Code.

De WADA-code zou volgens Minister van Sport Muyters door de wijziging “strenger, slimmer en klantvriendelijker” moeten worden.  Uit de praktijk blijkt evenwel dat dit enigszins genuanceerd dient te worden.

In een volgend blogbericht zal dieper worden ingegaan op een aantal van de meest opvallende wijzigingen en de effecten ervan op de rechtspraak.

Klik hier voor meer informatie omtrent doping.