Afspraak? 09/334.94.70

De basisprincipes van Third Party Ownership (TPO)

Third Party Ownership (TPO)

Op 19 februari 2019 legde de FIFA Disciplinary Committee de Portugese topclub Fc Porto een boete op van 50 000 CHF. De aanleiding hiertoe was een inbreuk op artikel 18ter van de FIFA Regulations on the Status and Transfer of Players (hierna: RSTP). Dit artikel bevat het verbod op Third Party Ownership (hierna: TPO). Deze praktijk werd in 2015 verboden door de FIFA omwille van de risico’s die het met zich meebracht, zowel voor spelers als voor clubs.

In deze bijdrage wordt eerst de TPO-techniek met bijhorende voor- en nadelen besproken. Vervolgens komt het TPO-verbod ter sprake. Tot slot wordt de wijze waarop men dit verbod omzeilt kort toegelicht.

TPO-techniek

TPO of Third Party Ownership is een praktijk die begin jaren 90 ontstaan is in Zuid-Amerika en rond de eeuwwisseling naar Europa is overgewaaid. Het essentiële kenmerk van TPO is dat (een deel van) de economische rechten van een speler worden overgedragen aan een derde partij. De economische rechten van een speler omvatten voornamelijk diens (toekomstige) transfersom. De derde partij aan wie de economische rechten worden overgedragen kan zowel een natuurlijke als een rechtspersoon zijn. Vaak gaat het om investeringsfondsen of spelersmakelaars. Elke entiteit buiten de twee clubs tussen wie een transfer plaatsvindt, wordt beschouwd als een derde partij.

Er bestaan verschillende redenen om een TPO-constructie op te zetten. In de regel fungeert TPO als financieringsmechanisme bij de transfer van een speler. Hierbij krijgt een club met onvoldoende middelen financiële bijstand van een derde partij voor de verwerving van een speler. De speler wordt geregistreerd bij de overnemende club, maar (een deel van) de economische rechten komen toe aan de derde partij die de transfer financierde.

Een bekend voorbeeld van bovenstaande constructie is de transfer van Carlos Tevez van Corinthians naar West Ham United. Om de transfer te kunnen bekostigen had West Ham United geld geleend van een investeringsfonds dat in ruil daarvoor de economische rechten van Tevez verwierf. Het investeringsfonds had o.a. het recht om te beslissen of Tevez getransfereerd werd en tegen welke transfersom dit diende te gebeuren.

Voor- en nadelen van TPO

Het meest gebruikte argument tegen TPO / Third Party Ownership is dat het een moderne vorm van slavernij zou zijn. Zoals geïllustreerd in de zaak-Tevez beslist het investeringsfonds immers vaak buiten de wil van speler en club om over de transfer van de speler. Hierdoor kan het vrij verkeer van de speler belemmerd worden. Daarbij komt dat spelers niet altijd weten dat hun economische rechten door de club aan een derde partij zijn overgedragen.

Een tweede punt van kritiek betreft het risico op belangenvermenging. Twee clubs kunnen spelers geregistreerd hebben waarvan de economische rechten aan eenzelfde investeringsfonds zijn overgedragen. Het investeringsfonds zou haar macht kunnen aanwenden om het resultaat van de wedstrijd tussen de betrokken clubs te beïnvloeden.

Ten derde heeft TPO tot gevolg dat er geld uit de voetbalindustrie wegvloeit in de richting van de investeringsfondsen. Zij hebben immers het recht bedongen om de transfersom van een speler te kunnen innen.

De voorstanders van TPO argumenteren dat het een techniek is om kleinere clubs competitiever te maken. Via TPO kunnen zij immers spelers verwerven die anders financieel onhaalbaar zijn. Ook wordt het financieel risico van een transfer gedeeld tussen de club en het investeringsfonds. Mocht een speler niet doorbreken, dan heeft de club geen volledige transfersom moeten betalen.

Ten slotte stellen voorstanders ook dat het verbod op TPO een inbreuk vormt op het vrij verkeer van kapitaal in de EU en op de regels betreffende de vrije mededinging.

Verbod op TPO

Op 1 januari 2008 introduceerde de FIFA artikel 18bis RSTP waarin een verbod op Third Party Influence (TPI) werd opgenomen. Een club kan luidens dit artikel geen overeenkomst sluiten waarbij de tegenpartij of een derde de mogelijkheid krijgt om invloed uit te oefenen op het tewerkstellings- en transferbeleid van de club.

Omdat dit artikel de nadelige gevolgen van TPO niet volledig kon remediëren besloot de FIFA een artikel 18ter in te voegen dat van kracht ging op 1 mei 2015. Artikel 18ter RSTP bevat een volledig verbod op TPO. Elke overeenkomst waarbij een derde partij eenderwelk recht verkrijgt m.b.t. de toekomstige transfer van een speler is in strijd met dit artikel.

Omzeiling van het verbod

Een veelgebruikte techniek om het TPO-verbod te omzeilen is de zogenaamde bridge transfer. Dit is een transfer waarbij een speler niet rechtstreeks overgaat van de oorspronkelijke naar de nieuwe club, maar indirect via een derde club waar de speler wordt geregistreerd zonder aanwijsbare sportieve reden. De bridge club vervangt het investeringsfonds in een TPO-constructie. De overgang van de speler naar de bridge club gebeurt uit louter economische overwegingen, met name om de speler te kunnen verkopen of verhuren. Deze constructie heeft als voordeel dat een bridge club zich in geval van contractbreuk door de speler kan beroepen op artikel 17 RSTP, wat een investeringsfonds in een TPO-constructie niet kon.

Hoewel de RSTP geen expliciet verbod op bridge transfers bevat heeft het CAS zulke constructies reeds ongeldig verklaard omwille van het gebrek aan een sportieve reden. De huidige rechtspraak van het CAS is evenwel uiteenlopend, waarvan onder meer volgende uitspraken getuigen:

CAS 2009/A/1757 MTK Budapest v. FC Internazionale Milano S.p.A.

CAS 2014/A/3536 Racing Club Asociación Civil v. FIFA

 

 

 

 

 

 

Andere artikels

Post commentaar

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *